Leusden

Leusdenaren winkelen op de Grutterij en de Komenij. Smalle winkelstraten, zoals overal in Nederland. De verdiepingen van de panden zijn opgetrokken uit hout en hebben felle kleuren en korte daken. Het doet een beetje denken aan Wild West. Of een Noors bergdorp. Of het Siberische platteland. Net wat je erin wilt zien. De oranje letters van de Blokker brengen mij terug in Leusden. Er is alles aan gedaan om het knus te maken. En zo hoort het, in een Nederlands jaren-80-dorp.

Een timmerman repareert een raam van de HEMA. Een moeder probeert haar peuter het Kruidvat in te loodsen. Een man op leeftijd drukt zijn peuk uit. Voor de confectie van Marks & Spencer staan vier mannen in zwarte pakken. Jonge, ambitieuze mannen. De schoenen glimmen en het haar is vet. Eén van de vier zondert zich af en is met 2 telefoons tegelijk in de weer. Vegen met de ene hand, en bellen met de andere. Het lukt niet. Het ligt aan ‘die ene dinges’. De andere drie jonge jongens nemen wat afstand, alsof ze er niet bij willen horen. Langzaam schuiven ze naar de ingang van de Miss Etam. Ze hebben niet door dat ze in Leusden zijn. Op de Komenij.

20130914-174836.jpg

Barneveld

Barneveld heeft veel kerken. Langs de Langstraat, de hoofdwinkelstraat van het dorp, staan er twee. De oude Hervormde kerk valt het meest op, en is het oorspronkelijke middelpunt van het dorp. Op de eeuwenoude toren is een glazen bordje bevestigd dat meldt dat de Heer op zondag driemaal kan worden aanbeden. Om half tien, om kwart voor vijf en om zeven uur.

Aan de kerk kleeft het verhaal van Jan van Schaffelaar, een ridder uit de middeleeuwen die zich met zijn manschappen verschanste in de toren in de twist tussen de Hoeken en de Kabeljauwen. Jan was een Kabeljauw. De Hoeken dreven hem in het nauw en wilden dat Jan van de toren sprong. Jan sprong en werd de held van Barneveld.

De betonnen versie van Jan kijkt uit over het Torenplein. Aan de linkerkant modehuis Klomp. Een grote kip siert de gevel. Aan de rechterkant het vertrouwde oranjeblauw van de Rabobank. Daar tussenin een lint van bankjes in moderne stijl. Ze zijn genoemd naar de dorpen in de omgeving, daar waar de mensen – als ze meer willen dan de dagelijkse boodschappen of een Hervormde dienst – zijn aangewezen op Barneveld.
Kootwijk.
Stroe.
Voorthuizen.
Garderen.
Ik kijk naar de toren, en zie het silhouet van Jan terugkomen in de klinkers van het plein. Keurig. Met een zilveren randje eromheen. Arme Jan.
Halverwege de Langstraat, net na het reisbureau Van der Woerd, staat de Catharinakerk. Aan de gevel van de kerk hangt het overzicht van activiteiten van deze week: de repetitie van het koor, de vergadering van het bestuur, en op zondag het afscheid van de pastor. Heel gewone dingen eigenlijk.
Het kerkje staat aan een klein pleintje met bankjes. Er omheen een rozenhaag. Recht tegenover de kerk zit eetcafe De Straaljager. Een koffie met appelgebak kost er 5 euro en heet een Stuntpiloot. Achter het glas zitten twee dames op leeftijd. Ze hebben een stuntpiloot besteld. Één de twee neemt net een hap slagroom van haar appelgebak.
Ik denk aan Jan van Schaffelaar.
Dit café heeft de verkeerde kerk gekozen.

Croeselaan

En daar lag ze. In een sierlijke beweging op het graniet. Een heer met lange jas en klassieke hoed kijkt even op en loopt weer door, de gure wind trotserend.

Het graniet is van de Croeselaan. De lange rechte laan tussen Utrecht Centraal en de Jaarbeurs. Om precies te zijn: het graniet ligt voor het hoofdkantoor van de Rabobank, de immense ‘verrekijker’ die hier een paar jaar terug verrees en de skyline van Utrecht domineert. Het nieuwe en het oude gebouw hebben samen een grote glazen pui gekregen, met een afdak dat op dunne palen rust. Op de pui is ruimte voor ‘exposure’ zoals dat heet. Hier kan de Rabobank zich van zijn beste kant laten zien. Er staat iets op over een spaanse kunstenaar. En verderop de tekst: “art is not culture, contemporary art criticizes culture”. Het is maar dat je het weet. De Rabobank doet lang niet alleen in geld.
Het is druk op het trottoir. Bankmedewerkers en gasten zoeken hun weg, maar zonder haast. Mantelpakken en grijze revers flaneren over het graniet. De grote glazen pui weerspiegelt de schaduwen. Als ze stil zouden staan lijken ze net het logo van de Rabobank zelf. Het blauwe mannetje dat een voorzichtige stap zet op het goudoranje schild. Even zie ik talloze Rabobank-logo’s lopen op het granieten trottoir.
Met de komst van de Verrekijker is het druk geworden op de Croeselaan. Naast het Beatrixtheater de Luitenant Generaal Knoopskazerne, en dan het oude spiegelgebouw van de Rabobank, dat tegen de verrekijker aan is gebouwd. Daarnaast de wat verloren flat met “Imagine” erop. Aan voorstellingsvermogen geen gebrek, hier op de Croeselaan. Toch ademt het hier geen grootstedelijkheid. Tegenover het graniet van de Rabo staan gewoon de woningen uit begin vorige eeuw. Niks bijzonders. Aan het einde een Scheer en Foppen. Moeders met kinderwagens passeren een enkele vroege student. Lijn 1 naar Hoograven wurmt zich door het verkeer. Een grote stroom fietsers negeert massaal het rode licht. Een meisje probeert op haar skates de flanerende bankmedewerkers te ontwijken. En hop, daar ligt ze. In een sierlijke beweging op het graniet. Heel even lijkt alles stil te staan.