Schermutselingen_nieuw2026-07-10T19:34:04+00:00

Schermutselingen – observaties van het gewone

Smedenstraat

In de druilerige Smedenstraat te Deventer had slechts één winkel zijn koopwaar op straat uitgevent en dat was bewonderenswaardig genoeg de boekhandel. Het tafeltje was overdekt met doorzichtig zeil om de moedige boeken droog te houden. De aantrekkingskracht van boekhandels is groter dan mijn afkeer van miezer. Ik maakte dus een flauwe bocht naar het antiquariaat met zijn tafeltje om het aanbod te bekijken. Onder het zeil lag tussen de anonieme titels het volmaakte kleine stukje, een kleurige bundel van Kees Fens. Fens! Als stukjesschrijver kon ik hier niet aan voorbijgaan. Ondanks de miezer klaarde mijn dag op terwijl ik het boek onder het plastic vandaan haalde, waarna ik tot mijn vreugde constateerde dat ook het boek zelf in plastic was verpakt en zo ongeschonden [...]

Tijdelijkheid

Het oude streekbusstation ligt er maar verlaten bij. Werkeloos, sinds het nieuwe busstation in gebruik is. De halteborden staan er nog. Ontdaan van informatie, als stille getuigen van de vroegere ochtenddynamiek. Het beton ademt nog de frustratie van duizenden op een haar na gemiste bussen. Op mijn netvlies het beeld van de chauffeur die stoïcijns zijn bus de bocht om zwaait, de Oosterlaan op. Een plek van kortstondig wachten is getransformeerd tot een plek waar men langsloopt, onderweg van fiets naar station. Een tijdelijke plek is permanent geworden. Toch hangt er nu weer een tijdelijke sfeer. […]

Terug van weggeweest

De verkeersregelaars zijn terug. Ik begon ze al te missen, op mijn dagelijkse fietstochtje door de ochtendspits. De chaos van de af- en aanrijdende blauwe bussen, laverend tussen de drommen studenten, in bedwang gehouden door mannen met hesjes en rode handlampen en plastic blokken, in dreigend rood en wit. Dat wespennest heeft plaats gemaakt voor een waterig lentezonnetje boven een stille stroken van beton. Afgeschreven beton. […]

Naakt

Ik ben een zwartrode gestalte in een groene vlakte. De vlaaien ontwijkend spied ik rond naar voorbijgangers op de dijk. Maar niemand heeft mij verder gezien. Dat gat was duidelijk niet geknipt, maar expres zo gemaakt. Een bordje ‘opengesteld’ hing er natuurlijk niet bij. Maar was duidelijk wel de bedoeling. Al voelt het niet zo. Al voelt het helemaal niet zo. […]

Zomerse dagen

Met een rotgang schiet de wesp door het open raam naar binnen. In een rechte lijn scheert het beestje richting de kamerdeur, om daar abrupt om te keren en linea recta terug te vliegen naar het open raam, dat hij op een haar na mist. Met een ferme tik belandt het beest tegen het glas. Het duikelt omlaag. En blijft een paar seconden zitten in het kozijn. Als het een gezicht had gehad, dan had ik het nu willen zien. […]

Dat het weer licht wordt

De ochtend is terug van weggeweest. Het ochtendgloren is weer vroeger dan anders en ligt weer binnen handbereik. Even is het weer half september. De delen van mijn forensenreis die donker waren, staan weer in het licht. Ik kan het trottoir weer van de straat onderscheiden en de zon komt op een hele andere plaats op. De sporen bij station Zwolle zijn weer goudgerand. Achter het stuur kan de zonnebril weer op, vooral voor die ene bocht, waarin de snelweg net even naar het zuidoosten draait. De ochtendspits bij daglicht. Ik was ‘m al even vergeten. Het is die ene maandagochtend aan het einde van oktober. Dat moment dat een paar weken later alweer teniet wordt gedaan door het korten van de dagen. Dat moment [...]

Gewond

De stad Zwolle is gewond. Puin grind en kiezels liggen ingeklemd tussen de gracht van het centrum en de straten van Assendorp. Op de resten van het oude ziekenhuis verrijzen in grijs gasbeton alweer de contouren van nieuwe woningen. Het Dominicanenklooster kijkt er fier op neer, nog grootser dan vroeger. Wat nog rest zijn de stille getuigen van een halve eeuw ziekenhuis. Weinig herinnert nog aan de plek van pijn, tranen, geluk, calamiteiten, warmte en zorg die dit geweest is. Op het asfalt van de straten van Groot Weezenland vind je nog in vervallen grijs de letters ‘ambulance’, met een pijl voor linksaf. De loeiende sirenes liggen in nog vers in het geheugen van de geveltjes aan de rechterkant, die het ziekenhuis nog gebouwd zagen [...]

Jane Jacobs in Apeldoorn

Er is niemand op straat in het Boomblauwtje. Het is twaalf uur ’s middags in Zuidbroek, Apeldoorn. De witte muren nog fris van de oplevering, pikzwarte leistenen daken in scherpe punten. Af en toe steekt één puntdak eigenwijs af tegen het lange zadeldak. Spontane architectuur: we smullen ervan tegenwoordig. Weg met de eenvormigheid. Leve de afwijking! De achtertuinen grenzen aan een enorme binnenplaats, waar ook de parkeerplaatsen zijn en een kleine speeltuin. De woningen liggen met hun rug naar elkaar toe. Zo kijk je niet bij elkaar naar binnen, maar is er wel ruimte voor ontmoeting. Spelende kinderen. Spontaniteit. Touwtjes in de brievenbus zijn niet nodig. Buren bereiken elkaar langs de achterkant, en de achterdeur is natuurlijk altijd open. De woorden van oerplanologe Jane Jacobs [...]

Verwachting

Ze wachten met z’n tweeën. Hangend over het stuur van hun meisjesfietsen. Grote manden voorop. Dikke schooltassen erin. De blikken zijn licht verveeld, maar toch vol verwachting. Het hoort bij de spandoeken waarop in grote letters staat dat “de scholen weer begonnen zijn”; Scholieren, strategisch op een hoek van de straat, wachtend op hun klasgenoten. In de brugklassen ontstaan nieuwe vriendschappen, op basis van postcode. Groepen groeien, van twee naar drie, naar zes of soms nog meer scholieren. Kleine stroompjes scholieren worden grotere. Een colonne ontstaat, drommend nabij de fietsenhokken van de nieuwe grote school. Gesprekken worden gevoerd. Over muziek. Over de eerste stappen in de liefde. Over die nieuwe van Frans. Over niks. Ondanks het vertrouwde tafereel kijk ik ervan op, vanuit mijn trein. [...]

Tegen de stroom in

Dinsdagmiddag. Door de Van Karnebeektunnel fietst een grootvader. Kleindochter knijpt in opa’s jas. Haar ogen glijden langs de muurschilderingen. Kleinzoon fietst ernaast, dapper trappend door het donkere gat dat Zwolle-Zuid met de binnenstad verbindt. Een opa in functie, zoveel is duidelijk. Dit is die ene dag in de week dat hij bijspringt om het gat in het weekschema van zijn kinderen op te vullen. De dag waarin hij even een rustpunt kan zijn in de maalstroom van het jachtige bestaan van een jong gezin en met aandacht en toewijding zijn taak kan volbrengen. De kleinkinderen wegbrengen. De kleinkinderen ophalen. De kleinkinderen vermaken. De tunnel. De schemering. De fietsers. De muurschilderingen. De opa met zijn kleinkinderen. Je verwacht bij hen geen haast, maar opa heeft er [...]